ECLI:NL:RBMID:2007:BA3658
Rechtbank Middelburg
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Verbod op uitoefening jachtrecht zonder geldige jachthuurovereenkomst op aangekochte percelen
Eisers hebben diverse percelen grond gekocht, waarop gedaagde het jachtrecht blijft uitoefenen. Het geschil draait om de vraag of gedaagde beschikt over een geldige jachthuurovereenkomst met betrekking tot deze percelen. Volgens artikel 34 lid 1 van Pro de Flora- en Faunawet is voor verhuur van het jachtrecht een schriftelijke en gedagtekende overeenkomst vereist.
Gedaagde beroept zich op een overeenkomst uit 2003, maar deze is niet rechtsgeldig omdat de handtekening ontbreekt bij het onderdeel 'verhuur jachtgenot'. Ook verklaringen van voormalige eigenaren in koopovereenkomsten en leveringsakten kunnen dit niet herstellen. Hierdoor beschikt gedaagde niet over een geldige overeenkomst.
De voorzieningenrechter oordeelt dat het uitoefenen van het jachtrecht door gedaagde zonder geldige overeenkomst onrechtmatig is. Tevens is het gedaagde niet toegestaan zich op de percelen te begeven voor schadebestrijding. Daarom wordt gedaagde verboden zich op de percelen te bevinden om jacht uit te oefenen of schade te bestrijden, met een dwangsom bij overtreding.
Gedaagde wordt veroordeeld in de proceskosten en het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: Gedaagde wordt verboden de jacht uit te oefenen en schade te bestrijden op de percelen zonder geldige jachthuurovereenkomst, onder dreiging van een dwangsom.