ECLI:NL:RBMID:2007:BB8656
Rechtbank Middelburg
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering terugzending bankgarantie wegens overschrijding redelijke termijn
In deze civiele procedure vordert Vette Beheer BV dat CSO wordt veroordeeld tot het terugzenden van de originele bankgarantie aan haar raadsman, met een rechtsgeldige verklaring dat geen aanspraak op de garantie zal worden gemaakt, onder verbeurte van een dwangsom. Vette Beheer BV stelt dat de redelijke termijn zoals bedoeld in artikel 6 EVRM Pro is overschreden, mede omdat zij kosten betaalt voor de bankgarantie en spoedeisend belang heeft.
CSO voert verweer en stelt dat de termijn pas is gaan lopen na het arrest van het hof in november 2005, waarna zij met voortvarendheid een schadestaatprocedure is gestart. De rechtbank overweegt dat de complexiteit van de zaak, de betrokkenheid van een Duitse onderneming en de noodzaak om het hofarrest af te wachten, meebrengen dat de termijn niet onredelijk is overschreden.
Het accountantsrapport is uitgebracht en de dagvaarding in de schadestaatprocedure is betekend. De rechtbank concludeert dat CSO voldoende voortvarendheid heeft betracht en wijst de vordering van Vette Beheer BV af. Vette Beheer BV wordt veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De vordering tot terugzending van de bankgarantie wordt afgewezen wegens onvoldoende spoedeisend belang en voortvarendheid CSO.