ECLI:NL:RBMID:2008:BC4864
Rechtbank Middelburg
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vordering tot terugbetaling onverschuldigde betaling door Univé toegewezen
In deze civiele procedure vordert Coöperatie Univé U.A. de terugbetaling van een bedrag van €13.043,46 dat abusievelijk op de girorekening van mevrouw I.E. is gestort. De rechtbank stelt vast dat mevrouw I.E. op het moment van storting (15 februari 2001) (mede)rekeninghoudster was van de betreffende rekening.
Mevrouw I.E. heeft zich verweerd met het argument dat de tekortkoming haar niet kan worden toegerekend op grond van artikel 6:204 BW Pro en dat zij geen rekening hoefde te houden met terugbetaling. Dit verweer faalt omdat niet is gebleken dat zij recht had op de betaling en zij had moeten weten dat het bedrag abusievelijk was gestort. Ook het standpunt dat haar vriend het bedrag heeft opgenomen en zij daardoor geen terugbetalingsverplichting zou hebben, wordt verworpen.
De rechtbank oordeelt dat de vordering van Univé tot terugbetaling toewijsbaar is en dat de wettelijke rente pas vanaf 1 augustus 2006 verschuldigd is, omdat mevrouw I.E. toen op de hoogte was van de vordering. De gevorderde buitengerechtelijke incassokosten worden afgewezen wegens onvoldoende bewijs van daadwerkelijke kosten. Mevrouw I.E. wordt veroordeeld in de kosten van het geding. Het vonnis is uitgesproken door mr. S. Kuypers op 9 januari 2008.
Uitkomst: Mevrouw I.E. wordt veroordeeld tot terugbetaling van €13.043,46 aan Univé met wettelijke rente vanaf 1 augustus 2006 en veroordeling in de proceskosten.