ECLI:NL:RBMID:2008:BC8846
Rechtbank Middelburg
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering betaling helft kredietschuld wegens gezag van gewijsde
IDM Financieringen B.V. vorderde betaling van gedaagde voor de helft van een openstaande kredietschuld uit hoofde van de huwelijksgemeenschap met zijn ex-echtgenote. De vordering was gebaseerd op artikel 1:102 BW Pro, waarbij gedaagde hoofdelijk aansprakelijk zou zijn voor de helft van de schuld.
In een eerdere procedure werd de vordering van IDM tegen gedaagde afgewezen omdat was vastgesteld dat gedaagde het kredietcontract niet had ondertekend. Die uitspraak is in kracht van gewijsde gegaan. IDM probeerde nu alsnog betaling te vorderen op grond van de hoofdelijke aansprakelijkheid uit de huwelijksgemeenschap.
De rechtbank oordeelde dat de nieuwe vordering hetzelfde geschilpunt betreft als in de eerdere procedure en dat het gezag van gewijsde aan de eerdere uitspraak in de weg staat. IDM had artikel 1:102 BW Pro als subsidiaire grondslag in de eerdere procedure kunnen aanvoeren, maar dat niet gedaan. Daarom wees de rechtbank de vordering af en veroordeelde IDM in de proceskosten van gedaagde.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vordering van IDM af vanwege gezag van gewijsde en veroordeelt IDM in de proceskosten.