ECLI:NL:RBMID:2008:BD7099
Rechtbank Middelburg
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Betalingsovereenkomst en loonadministratie tussen SVB en houdster PGB
De zaak betreft een geschil tussen de Sociale Verzekeringsbank (SVB) en een houdster van een persoonsgebonden budget (PGB) die een arbeidsovereenkomst had gesloten met een zorgverlener. SVB verzorgde de loonadministratie en betaalde het nettoloon aan de zorgverlener, terwijl de houdster van het PGB zorg moest dragen voor voldoende saldo op haar bankrekening om de bruto bedragen te kunnen incasseren.
SVB vorderde betaling van een bedrag van €8.782,25, vermeerderd met rente en kosten, wegens niet geïncasseerde bedragen. Na procesverloop en bewijslevering werd de vordering verminderd tot €8.014,25. De houdster van het PGB voerde verweer dat SVB tekortgeschoten was in haar verplichtingen en betwistte de hoogte van de vordering, onder meer door discussie over jaaropgaven en betalingen.
De rechtbank oordeelde dat SVB voldoende had onderbouwd dat zij het nettoloon had betaald en de loonheffingen en premies had afgedragen. De houdster van het PGB was tekortgeschoten in haar verplichting tot voldoende saldo. De vordering van SVB werd toegewezen, de vergoeding van buitengerechtelijke kosten afgewezen en de proceskosten werden gecompenseerd.
Uitkomst: Houdster van PGB wordt veroordeeld tot betaling van €8.014,25 aan SVB met rente en eigen kostenverdeling.