ECLI:NL:RBMID:2009:BK9719
Rechtbank Middelburg
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vordering tot betaling lening en rente na executoriale verkoop woning
Op 5 september 2007 sloten eiser en gedaagde sub 1 een schriftelijke geldleningsovereenkomst van €85.000. De overeenkomst bepaalde dat de lening direct opeisbaar was bij verkoop van de woning. Na een executoriale verkoop van de woning op 9 juli 2008 vordert eiser betaling van de hoofdsom, rente en kosten van gedaagden.
Gedaagde sub 1 betwist de vordering en stelt dat de lening niet daadwerkelijk is verstrekt, dat betaling zou plaatsvinden via verrekening, en dat sprake is van misbruik van omstandigheden. Ook voert hij aan dat de rente pas verschuldigd is vanaf verkoopdatum en dat hij niet over middelen beschikt om te betalen.
De rechtbank oordeelt dat gedaagde sub 1 zijn stelplicht niet heeft voldaan en onvoldoende bewijs heeft geleverd voor zijn verweren. De overeenkomst is duidelijk en rechtsgeldig, de opeisbaarheid bij verkoop is niet onredelijk, en het beslag was niet onnodig. Gedaagden worden hoofdelijk veroordeeld tot betaling van €87.148,22 plus 4% rente vanaf 21 mei 2008, alsmede beslag- en proceskosten.
Uitkomst: Gedaagde sub 1 en sub 2 worden hoofdelijk veroordeeld tot betaling van €87.148,22 plus 4% rente en kosten.