ECLI:NL:RBMID:2009:BK9803
Rechtbank Middelburg
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Bevoegdheid Nederlandse rechter in geschil over aansprakelijkheid levering stalen buizen
In deze zaak staat de vraag centraal of de Nederlandse rechter bevoegd is om kennis te nemen van een vordering van United International Oil and Gas Material Pictures S.A.R.L. (UIOGMP) tegen [eiser], een Nederlandse vennootschap, omtrent aansprakelijkheid voor schade veroorzaakt door geleverde stalen buizen.
UIOGMP voert aan dat de kwestie reeds aanhangig is bij de Franse rechter, waardoor de Nederlandse rechter zich onbevoegd zou moeten verklaren. De rechtbank onderzoekt dit aan de hand van de Europese Verordening (EG) nr. 44/2001 (EEX-Verordening), met name artikel 27 en Pro 28.
De rechtbank oordeelt dat de procedure bij het Tribunal de Commerce van Nanterre niet tussen dezelfde partijen speelt, aangezien Aviva, de verzekeraar van UIOGMP, [eiser] heeft gedagvaard en niet UIOGMP zelf. Er is geen sprake van subrogatie of gezamenlijke partijstelling, waardoor artikel 27 EEX Pro-Verordening niet van toepassing is.
Ook een beroep op artikel 28 EEX Pro-Verordening wordt verworpen, omdat samenhang van vorderingen niet leidt tot onbevoegdheid van de Nederlandse rechter. De rechtbank verklaart zich daarom bevoegd om kennis te nemen van het geschil en wijst de vordering van UIOGMP in het incident af. UIOGMP wordt veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De rechtbank verklaart zich bevoegd en wijst de vordering van UIOGMP in het incident af.