ECLI:NL:RBMID:2009:BK9828
Rechtbank Middelburg
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vordering Achmea tot betaling schadevergoeding afgewezen wegens onvoldoende bewijs van afwijkende overeenkomst
In deze civiele zaak vordert Achmea betaling van schadevergoeding van gedaagde, die betwist dat Achmea de schade aan derden op hem kan verhalen. Gedaagde stelt dat er een overeenkomst bestaat waarbij hij zelf de schade aan zijn eigen auto draagt en Achmea de schade-uitkeringen aan derden op een derde partij zou verhalen.
De rechtbank onderzoekt het bewijs, waaronder getuigenverklaringen van de vader van gedaagde en een schadebehandelaar van Achmea. Uit de verklaringen en dossierstukken blijkt dat Achmea de schade aan derden in eerste instantie op de bestuurder zal verhalen, hetgeen niet uitsluit dat gedaagde aansprakelijk blijft.
De rechtbank oordeelt dat gedaagde niet is geslaagd in het bewijs van een afwijkende afspraak en verwerpt zijn verweren, waaronder rechtsverwerking en redelijkheid en billijkheid. De vordering van Achmea wordt toegewezen, waarbij gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van het gevorderde bedrag en de proceskosten. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: Gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van schadevergoeding en proceskosten aan Achmea.