ECLI:NL:RBMID:2010:BL5565
Rechtbank Middelburg
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vordering schadevergoeding na verkeersongeval met discussie over aansprakelijkheid en verlies arbeidsvermogen
Eisers, als bestuurder en inzittende van een auto, vorderen schadevergoeding van de aansprakelijkheidsverzekeraar van de tegenpartij na een verkeersongeval in 2000. De verzekeraar erkent volledige aansprakelijkheid voor de schade van eiser sub 1 en 75% voor eiser sub 2, waarbij 25% eigen schuld wordt toegerekend wegens het niet dragen van de veiligheidsgordel.
De rechtbank beoordeelt diverse schadeposten, waaronder medische kosten, reiskosten, huishoudelijke hulp en smartengeld. Voor de minderjarige kinderen van eisers wordt de vordering afgewezen wegens onvoldoende onderbouwing van psychische schade en het ontbreken van een machtiging van de kantonrechter.
Voor het verlies aan arbeidsvermogen van beide eisers wordt een aanvullend deskundigenonderzoek gelast, omdat onduidelijk is in hoeverre het ongeval daadwerkelijk tot inkomensverlies heeft geleid. De zaak wordt aangehouden om partijen de gelegenheid te geven zich over dit onderzoek uit te laten.
De rechtbank wijst een bedrag van €16.738,11 toe aan eisers, maar ziet af van onmiddellijke veroordeling tot betaling omdat reeds een groter bedrag is uitgekeerd. De procedure wordt aangehouden voor verdere behandeling na aanvullend deskundigenonderzoek.
Uitkomst: De rechtbank wijst diverse schadeposten toe, wijst de vordering namens de kinderen af en houdt de zaak aan voor aanvullend deskundigenonderzoek naar het verlies aan arbeidsvermogen.