ECLI:NL:RBMID:2010:BM2666
Rechtbank Middelburg
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Opheffing schorsing statutair bestuurder wegens onzorgvuldige besluitvorming
Eiser, statutair bestuurder en algemeen directeur van de B.V., werd geschorst wegens het verrichten van nevenwerkzaamheden zonder schriftelijke toestemming van de Raad van Commissarissen (RvC). Eiser betwistte de schorsing omdat de RvC op de hoogte was van zijn advieswerkzaamheden en hij niet vooraf was gehoord.
De voorzieningenrechter constateert dat de schorsing zonder voorafgaande aankondiging en zonder de mogelijkheid voor eiser om zijn zienswijze te geven is genomen. De enkele constatering dat eiser een eenmanszaak had opgericht, is onvoldoende voor een ingrijpende maatregel als schorsing. Er is geen bewijs dat de belangen van de B.V. zijn geschaad of dat eiser slecht functioneerde.
De rechter oordeelt dat de schorsing onzorgvuldig en op onredelijke gronden is genomen en dat eiser een zwaarwegend belang heeft bij opheffing van de schorsing vanwege de diffamerende werking ervan. De vordering tot rectificatie wordt afgewezen omdat de reeds verzonden communicatie neutraal was en een rectificatie bij een mogelijk ontslag te laat zou komen.
De B.V. wordt veroordeeld tot toelating van eiser tot zijn werkzaamheden binnen 24 uur en tot betaling van de proceskosten. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: De schorsing van de statutair bestuurder wordt opgeheven en hij wordt binnen 24 uur toegelaten tot zijn werkzaamheden.