Art. 6:119a BWArt. 6 lid 1 EET-Verordening 805/2004
AI samenvatting door Lexboost • Automatisch gegenereerd
Betalingsvordering wegens onbetaalde factuur en weigering Europese executoriale titel
Eiseres, Douglas Laboratories Europe B.V., heeft in oktober 2007 diverse voedingssupplementen geleverd aan gedaagde, Prolux International B.V. De factuur van €43.090,27 is door gedaagde deels onbetaald gelaten, namelijk €19.445,20.
Eiseres vordert betaling van dit bedrag vermeerderd met wettelijke handelsrente en buitengerechtelijke kosten, alsmede een verklaring dat het vonnis als Europese executoriale titel (EET) kan dienen. Gedaagde heeft geen verweer gevoerd en zijn advocaat heeft zich onttrokken.
De rechtbank wijst de vordering tot vergoeding van buitengerechtelijke kosten af wegens onvoldoende onderbouwing. De hoofdsom en rente worden toegewezen als onweersproken. Het verzoek tot waarmerking als EET wordt afgewezen omdat niet aan de voorwaarden van artikel 6 lid 1 EETPro-Verordening is voldaan, met name omdat de schuldvordering niet betreft een consument voor niet-beroepsmatig gebruik.
Gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van €19.445,20 plus wettelijke rente vanaf 29 december 2007 en in de proceskosten. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Uitkomst: Gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van €19.445,20 plus wettelijke rente en proceskosten; verzoek tot waarmerking als Europese executoriale titel wordt afgewezen.
Uitspraak
zaaknummer / rolnummer: 71816 / HA ZA 10-64
Vonnis van 1 september 2010
in de zaak van
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
DOUGLAS LABORATORIES EUROPE B.V.,
gevestigd te Simpelveld,
eiseres,
advocaat: mr. S.J. Nauta te Barendrecht,
tegen
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
PROLUX INTERNATIONAL B.V.,
gevestigd te 4538 AC Terneuzen, aan de Stationsweg 65,
gedaagde,
advocaat: mr. R.M.A. Lensen, gedesisteerd.
De procedure
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- de dagvaarding;
- de mededeling van mr. Lensen voornoemd dat hij zich onttrekt als advocaat van gedaagde. Voor gedaagde heeft zich, hoewel de rechtbank daartoe gelegenheid heeft gegeven, geen nieuwe advocaat gesteld.
Ten slotte is vonnis bepaald.
De feiten
Eiseres heeft in of omstreeks oktober 2007 diverse voedingssupplementen
aan gedaagde verkocht en geleverd. De daarvoor door eiseres verzonden factuur d.d. 29 oktober 2007 ten bedrage van € 43.090,27 heeft gedaagde tot een bedrag ad € 19.445,20 onbetaald gelaten.
De vordering
De vordering luidt - samengevat - om bij vonnis, uitvoerbaar bij voorraad, gedaagde te veroordelen tot betaling van een bedrag van € 19.445,20 (de hoofdsom), te vermeerderen met de wettelijke handelsrente vanaf de vervaldatum van de factuur en de buitengerechtelijke kosten, zulks met veroordeling van gedaagde in de kosten van de procedure en met het verzoek om waarmerking van het vonnis als een Europese Executoriale Titel (EET).
De beoordeling.
De vordering tot vergoeding van buitengerechtelijke kosten zal worden afgewezen. Eiseres heeft niet (voldoende onderbouwd) gesteld dat zij deze kosten daadwerkelijk heeft gemaakt en dat die kosten betrekking hebben op verrichtingen die meer omvatten dan een enkele aanmaning, het enkel doen van een schikkingsvoorstel, het inwinnen van eenvoudige inlichtingen of het op gebruikelijke wijze samenstellen van het dossier.
Het gevorderde komt de rechtbank voor het overige niet onrechtmatig of ongegrond voor en zal, nu gedaagde geen verweer heeft gevoerd, als onweersproken worden toegewezen.
Ten aanzien van de vordering tot waarmerking van het vonnis als een Europese executoriale titel merkt de rechtbank op dat deze vordering kan worden toegewezen indien aan alle in artikel 6, lid 1, van de EET-Verordening 805/2004 limitatief vermelde voorwaarden is voldaan.
Nu niet is voldaan aan de voorwaarden als vermeld onder het tweede en derde gedachtenstreepje van artikel 6 lid 1 onderPro d, te weten:
- de schuldvordering heeft betrekking op een overeenkomst gesloten door een persoon, de consument, voor een gebruik dat als niet bedrijfs- of beroepsmatig kan worden beschouwd en
-de consument is de schuldenaar,
is er geen sprake van vervulling van alle limitatief vermelde voorwaarden van artikel 6 lid 1 EETPro, weshalve het verzoek tot waarmerking van dit vonnis als Europese executoriale titel zal worden afgewezen.
Gedaagde zal als de grotendeels in het ongelijk gestelde partij in de proceskosten worden veroordeeld. De kosten aan de zijde van eiseres worden begroot op:
- dagvaarding EUR 414,50
- vast recht 450,00
- salaris advocaat 452,00 (1,0 punt × tarief EUR 452,00)
Totaal EUR 1.316,50
De beslissing
De rechtbank
veroordeelt gedaagde om aan eiseres te betalen een bedrag van € 19.445,20 (negentien duizendvierhonderdvijfenveertig euro en twintig eurocent), vermeerderd met de wettelijke rente als bedoeld in art. 6:119a BW over dit bedrag vanaf 29 december 2007 tot de dag van volledige betaling,
veroordeelt gedaagde in de proceskosten, aan de zijde van eiseres tot op heden begroot op € 1.316,50,
verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad,
wijst het meer of anders gevorderde af.
Dit vonnis is gewezen door mr. E.K. van der Lende-Mulder Smit en in het openbaar uitgesproken op 1 september 2010.