ECLI:NL:RBMID:2010:BO3012
Rechtbank Middelburg
- Kort geding
- M.C. de Regt
- Rechtspraak.nl
Opheffing conservatoir beslag op schip wegens niet-uitvoerbaarheid Russisch arbitraal vonnis
NRSL vorderde opheffing van het conservatoir beslag dat Kompas had gelegd op het schip ‘Amur 2526’, omdat het onderliggende Russische arbitrale vonnis uit 2002 niet ten uitvoer kon worden gelegd in Rusland. Het Russische hoogste rechtscollege had het exequatur op het vonnis herroepen en definitief afgewezen, waarna Kompas geen hoger beroep instelde.
Kompas voerde verweer dat de Nederlandse rechter de Russische beslissing niet hoefde te erkennen en dat het vonnis zelf geldig bleef. De voorzieningenrechter oordeelde echter dat het arbitraal vonnis op grond van artikel V lid 1 sub e van het Verdrag van New York niet voor erkenning en tenuitvoerlegging in Nederland in aanmerking komt.
Omdat Kompas geen concrete feiten aanvoerde die tot een ander oordeel zouden moeten leiden, was summierlijk gebleken dat de vordering waarop het beslag was gelegd ondeugdelijk was. Daarom werd het beslag opgeheven en werd Kompas verboden opnieuw beslag te leggen op het schip en andere NRSL-schepen onder dreiging van een dwangsom.
Kompas werd veroordeeld in de proceskosten van NRSL. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Uitkomst: Het conservatoir beslag op het schip ‘Amur 2526’ is opgeheven en Kompas is verboden opnieuw beslag te leggen onder dreiging van een dwangsom.