ECLI:NL:RBMID:2010:BO3667
Rechtbank Middelburg
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering executoriaal derdenbeslag wegens onjuiste juridische weg
Eiser heeft executoriaal derdenbeslag gelegd op een bedrag dat hij vordert van Baas Dienstverlening B.V. en heeft KVR B.V. als derde-beslagene aangesproken. KVR heeft verklaard geen verplichtingen te hebben jegens Baas en de verklaring ex artikel 476a lid 1 Rv afgelegd. Eiser betwist de juistheid en volledigheid van deze verklaring en vordert betaling alsof KVR zelf schuldenaar is.
De rechtbank overweegt dat artikel 477a Rv onderscheid maakt tussen het niet afleggen van een verklaring en het betwisten van de inhoud ervan. In dit geval is sprake van betwisting van de verklaring, waarvoor eiser de weg van artikel 477a lid 2 Rv had moeten volgen. Omdat eiser dit niet heeft gedaan, kan zijn vordering niet worden toegewezen.
De rechtbank wijst de vordering af en veroordeelt eiser in de proceskosten van KVR, begroot op € 1.713,00. Het vonnis is gewezen door mr. H.A. Witsiers en op 30 juni 2010 in het openbaar uitgesproken.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vordering af wegens het niet volgen van de juiste procedure bij betwisting van de verklaring van de derde-beslagene.