ECLI:NL:RBMID:2010:BO3819
Rechtbank Middelburg
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering wegens te late klacht over scheurvorming garage bij woning
Eisers kochten in maart 2004 een woning met garage die in 2001 was gebouwd. Na constatering van scheurvorming en verzakking in de garage in 2007, liet eiser in maart 2008 een deskundig onderzoek uitvoeren. De vordering tot schadevergoeding wegens non-conformiteit werd ingesteld, maar de rechtbank oordeelde dat eiser niet binnen bekwame tijd na ontdekking van het gebrek gedaagde aansprakelijk heeft gesteld.
De garage maakt deel uit van de woning en moet aan de verwachtingen voldoen. De rechtbank verwierp het verweer dat een gebrek aan de garage geen normaal gebruik van de woning zou belemmeren. Echter, eiser wachtte te lang met het doen van een klacht, aangezien hij pas in juli 2008 gedaagde aansprakelijk stelde, terwijl de verzakking en scheurvorming al in 2007 duidelijk waren.
De rechtbank vond dat eiser onvoldoende voortvarendheid heeft betracht en dat de klachtplicht en vervaltermijn bescherming bieden aan de verkoper. Ook bleek niet aannemelijk dat gedaagde bij verkoop op de hoogte was van de gebrekkige fundering. De vordering werd daarom afgewezen en eiser veroordeeld in de proceskosten.
In de vrijwaringszaak werd de vordering tegen de aannemers afgewezen omdat de hoofdzaak werd verworpen. De rechtbank wees ook de kostenveroordelingen toe aan de wederpartij. Het vonnis werd gewezen door mr. E.K. van der Lende-Mulder Smit en uitgesproken op 14 april 2010.
Uitkomst: Vordering afgewezen wegens niet tijdig binnen bekwame tijd stellen van klacht over scheurvorming garage.