ECLI:NL:RBMID:2010:BO3913
Rechtbank Middelburg
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vaststelling verdeling nalatenschap broer en zus na overlijden vader
Partijen zijn broer en zus en enige erfgenamen van hun vader die in 2008 overleed. Tot de nalatenschap behoort een woning die inmiddels is verkocht. De broer en zus zijn het oneens over de verdeling van de nalatenschap, met name over vermeende schenkingen van vader aan de broer onder dwang. De zus vordert medewerking aan een correcte verdeling en heeft beslag gelegd op het aandeel van de broer in de verkoopopbrengst.
De broer wenst de nalatenschap te verdelen volgens de wettelijke verdeling en betwist de stellingen over gedwongen schenkingen. Hij vordert dat de rechtbank de verdeling vaststelt conform zijn standpunt. De rechtbank kwalificeert de vordering van de broer als een eis in reconventie en oordeelt dat het geschil materieel is.
De rechtbank acht zich onvoldoende voorgelicht omdat het testament ontbreekt en onduidelijkheid bestaat over bankafschriften. Daarom wordt een comparitie van partijen bevolen om inlichtingen te verkrijgen, te onderzoeken of partijen tot overeenstemming kunnen komen en eventueel mediation te overwegen. Nadere stukken dienen tijdig te worden ingediend. De verdere beslissing wordt aangehouden.
Uitkomst: De rechtbank beveelt een comparitie van partijen voor nadere inlichtingen en houdt verdere beslissing aan.