ECLI:NL:RBMID:2010:BO9542
Rechtbank Middelburg
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Bevoegdheid rechtbank bij vorderingen wanprestatie en onrechtmatige daad tussen Nederlandse en Belgische vennootschap
In deze civiele procedure tussen de Nederlandse vennootschap Cimeco B.V. en de Belgische vennootschap Joris Ide N.V. stond de vraag centraal of de rechtbank Middelburg bevoegd was om kennis te nemen van vorderingen gebaseerd op wanprestatie en onrechtmatige daad. Cimeco vorderde een verklaring voor recht dat Joris Ide haar contractspartij was en stelde dat Joris Ide tekort was geschoten in haar leveringsverplichtingen. Joris Ide vorderde betaling van een bedrag wegens wanprestatie en onrechtmatige daad.
De rechtbank oordeelde dat zij bevoegd was op grond van artikel 5 lid 1 sub b EEX Pro-Verordening voor de wanprestatievordering en op grond van artikel 5 lid 3 EEX Pro-Verordening voor de onrechtmatige daad. De plaats van het schadebrengende feit werd vastgesteld in Nederland, waardoor de Nederlandse rechter bevoegd is. Tevens werd geoordeeld dat het forumkeuzebeding in de algemene voorwaarden van Joris Ide niet geldig was, omdat niet uitdrukkelijk met dit beding was ingestemd.
Verder werd voeging van de twee procedures toegewezen wegens verknochtheid, ondanks dat niet alle partijen in beide procedures gelijk waren. De rechtbank veroordeelde Cimeco en de tegenpartij in de proceskosten van de incidenten en bepaalde dat de hoofdzaak op een later moment zou worden voortgezet.
Uitkomst: De rechtbank verklaart zich bevoegd en wijst de vordering tot voeging toe, terwijl het forumkeuzebeding niet geldig wordt geacht.