ECLI:NL:RBMID:2010:BP5693
Rechtbank Middelburg
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- M.C. de Regt
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering tot opheffing derdenbeslag wegens niet-overleggen verklaring griffier
In deze zaak vordert eiser bij vonnis in kort geding dat gedaagde wordt bevolen de executie van een eerder vonnis te staken en het onder derden gelegde beslag op te heffen. Eiser stelt dat het beslag onrechtmatig is omdat gedaagde bij beslaglegging geen verklaring van de griffier als bedoeld in artikel 432 Rv Pro heeft overgelegd, waardoor het beslag onrechtmatig zou zijn.
Gedaagde voert verweer dat de verklaring van de griffier niet noodzakelijkerwijs gelijktijdig met het beslag hoeft te worden overgelegd en dat het beslag rechtmatig is gelegd op grond van een executoriale titel. De rechtbank oordeelt dat artikel 432 Rv Pro is bedoeld ter bescherming van de derde-beslagene en dat uit de wet niet volgt dat de verklaring van non-appèl gelijktijdig met het beslag moet worden overgelegd.
De rechtbank concludeert dat het beslag niet onrechtmatig is vanwege de latere betekening van de verklaring van de griffier. Ook is niet gebleken van misbruik van bevoegdheid of andere gronden om de executie te schorsen. De vorderingen van eiser worden daarom afgewezen en eiser wordt veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vorderingen af en veroordeelt eiser in de proceskosten.