ECLI:NL:RBMID:2011:BQ9916
Rechtbank Middelburg
- Eerste aanleg - meervoudig
- Van Boven-Hartogh
- Nomes
- Van Steenbergen
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak voor schuld aan verkeersongeval, wel veroordeling voor gevaar en hinder op de weg
Op 14 oktober 2009 vond te Terneuzen een verkeersongeval plaats waarbij verdachte, bestuurder van een bedrijfsauto, betrokken was. Tijdens een inhaalmanoeuvre kwam verdachte in botsing met een motorrijder die hem reeds aan het inhalen was, waarbij het slachtoffer ernstig letsel opliep.
De rechtbank oordeelde dat verdachte onvoldoende oplettend was door het verkeer achter zich en de dode hoek niet goed te controleren, maar dat dit niet leidde tot aanmerkelijke schuld in de zin van artikel 6 Wegenverkeerswet Pro 1994. Daarom werd verdachte vrijgesproken van het primair ten laste gelegde feit van schuld aan het ongeval.
Wel werd vastgesteld dat verdachte door zijn gedragingen gevaar en hinder op de weg veroorzaakte in de zin van artikel 5 Wegenverkeerswet Pro 1994. Verdachte werd hiervoor veroordeeld tot een geldboete van €250,-, met een subsidiaire vervangende hechtenis van vijf dagen, en een voorwaardelijke rijontzegging van twee maanden met een proeftijd van één jaar.
De rechtbank hield rekening met het feit dat verdachte geen strafblad heeft, contact heeft gezocht met het slachtoffer en zijn rijbewijs nodig heeft voor zijn werk. De straf werd gematigd mede vanwege het tijdsverloop tussen het ongeval en de behandeling van de zaak.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken van schuld aan het ongeval maar veroordeeld voor het veroorzaken van gevaar en hinder op de weg met een geldboete en voorwaardelijke rijontzegging.