ECLI:NL:RBMID:2011:BR4227
Rechtbank Middelburg
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling bewijs en bevoegdheid bij geschil over consulaire geldleningsovereenkomst
In deze civiele zaak vordert eiser betaling van een geldlening van €71.098, vastgelegd in een consulaire akte opgemaakt in Rotterdam. Eiser woont in Spanje, gedaagde in Nederland. De overeenkomst is in het Arabisch opgesteld en gelegaliseerd door het Marokkaanse consulaat.
Gedaagde betwist het bestaan van de lening en de echtheid van de handtekening op de akte. De rechtbank oordeelt dat zij bevoegd is op grond van het woonplaatsbeginsel en dat Nederlands recht van toepassing is vanwege de nauwere band met Nederland.
De kern van het geschil is de bewijslevering van de geldleningsovereenkomst. De rechtbank stelt dat een consulaire akte authentiek kan zijn, maar dat eiser de originele akte moet overleggen. Tot die tijd wordt de beslissing aangehouden.
De rechtbank beveelt eiser om op de rolzitting de originele schuldbekentenis te deponeren ter griffie. Indien dit niet gebeurt, kan de rechtbank daaruit haar conclusies trekken.
De zaak wordt verwezen naar een latere zitting voor verdere behandeling.
Uitkomst: Beslissing aangehouden tot overlegging originele schuldbekentenis op rolzitting 27 oktober 2010.