ECLI:NL:RBMID:2011:BV7981

Rechtbank Middelburg

Datum uitspraak
14 december 2011
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
226026
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Aangehouden
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
  • M.J.M. Klarenbeek
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 111 RvArt. 120 RvArt. 122 lid 2 RvArt. 83 RvArt. 80 lid 2 Rv
Verwijzingen
5 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Herstel nietigheid dagvaarding wegens onjuiste vermelding gemachtigde en ondertekening conclusie

In deze civiele procedure bij de Rechtbank Middelburg staat centraal of de dagvaarding en de conclusie van antwoord in het incident rechtsgeldig zijn opgesteld. De dagvaarding vermeldde als gemachtigde een handelsnaam, GGN Zeeland, terwijl volgens art. 111 Rv Pro. de naam van de natuurlijke of rechtspersoon die als gemachtigde optreedt, moet worden vermeld. Dit gebrek bedreigt de dagvaarding met nietigheid.

De rechtbank oordeelt dat het gebruik van een handelsnaam in het exploot van dagvaarding onzorgvuldig is en in strijd met het formele karakter van een dagvaarding. Het briefpapier waarop de handelsnaam is vermeld, maakt geen deel uit van het exploot. Daarom wordt herstel van dit gebrek bevolen door middel van een herstelexploot waarin de juiste naam van de gemachtigde wordt vermeld.

Daarnaast is de conclusie van antwoord in het incident ondertekend namens de handelsnaam zonder vermelding van de natuurlijke persoon die namens de gemachtigde tekent. Dit is niet controleerbaar en wordt daarom niet geaccepteerd. De gemachtigde krijgt de gelegenheid dit te herstellen.

Ten slotte wordt van de gemachtigde verlangd om schriftelijke volmachten van alle vijf eisende partijen te overleggen, mede omdat het onduidelijk is welk belang iedere partij heeft bij de vorderingen. De kantonrechter houdt verdere beslissing aan en beveelt herstel van de formele gebreken.

Uitkomst: Herstel van de dagvaarding en conclusie van antwoord bevolen, verdere beslissing aangehouden.

Uitspraak

RECHTBANK MIDDELBURG
Sector kanton
Locatie Terneuzen
zaak/rolnr.: 226026 / 11-1909
vonnis van de kantonrechter d.d. 14 december 2011
in de zaak van
de besloten vennootschappen
Delta Comfort B.V.
Zeelandnet B.V. als rechtsopvolgster van Delta Kabelcomfort B.V.
Delta Netwerkbedrijf B.V.
Delta Infra B.V.,
alle gevestigd te [adres],
en de naamloze vennootschap
Evides N.V.
gevestigd te [adres],
eisende partij in de hoofdzaak,
gedaagde partij in het incident,
verder te noemen: Delta c.s.,
t e g e n :
[partij B]
wonende te [adres],
gedaagde partij in de hoofdzaak,
eisende partij in het incident,
verder te noemen: [B],
gemachtigde: mr. J.G. Hage.
het verloop van de procedure
De procedure is als volgt verlopen:
- dagvaarding van 5 september 2011,
- incidentele conclusie, tevens conclusie van antwoord in de hoofdzaak,
- conclusie van antwoord in het incident.
de beoordeling van de zaak
1. In de dagvaarding is vermeld dat GGN Zeeland tot gemachtigde wordt gesteld van Delta c.s. [B] heeft erop gewezen dat GGN Zeeland een handelsnaam is en dat alleen natuurlijke of rechtspersonen als gemachtigde kunnen optreden. Een handelsnaam is geen van beide. [B] heeft daarom in het incident gevorderd te worden ontslagen van instantie, althans dat Delta c.s. niet-ontvankelijk worden verklaard, althans dat de zaak niet aanhangig wordt geacht.
2. Op het briefpapier waarop de dagvaarding is gesteld, is vermeld dat GGN Zeeland een handelsnaam is van GGN Zuid-Nederland B.V. Artikel 111 van Pro het Wetboek van Burgerlijke rechtsvordering (Rv.) schrijft voor dat het exploot van dagvaarding de naam en het adres van de gemachtigde moet vermelden. In het exploot van dagvaarding is alleen een handelsnaam van de gemachtigde vermeld. Het briefpapier maakt geen deel uit van de tekst van het exploot van dagvaarding. Het exploot van dagvaarding bevat daarom niet de naam van de gemachtigde van Delta c.s. Dat is een gebrek dat ex art.120 Rv Pro. met nietigheid is bedreigd.
3. Het behoort niet zo te zijn dat het exploot van dagvaarding een zoekplaatje wordt. Daar waar in het exploot van dagvaarding de naam en het adres van de gemachtigde wordt vermeld, mag de naam niet worden vervangen door een handelsnaam. In dit geval is het aan de inventiviteit en opmerkzaamheid van de gedaagde partij en andere lezers overgelaten om in de zeer kleine letters van het briefpapier te zoeken aan wie die handelsnaam wel zou toebehoren. Dat is onzorgvuldig en in strijd met het formele karakter dat een dagvaarding nu eenmaal behoort te hebben. Ex art 122, lid 2, Rv. zal het herstel van dit met nietigheid bedreigde gebrek worden bevolen op kosten van Delta c.s. Daartoe zullen Delta c.s. tijdig vóór de hierna te vermelden rolzitting een herstelexploot aan [B] moeten doen betekenen waarin zij [B] formeel de naam meedelen van de rechtspersoon die optreedt als de gemachtigde van Delta c.s.
4. Op de ingediende conclusie van antwoord in het incident is opnieuw GGN Zeeland als gemachtigde vermeld. Deze conclusie is namens deze gemachtigde ondertekend, maar daarbij is niet vermeld wie namens de gemachtigde heeft ondertekend. De conclusie kan bij wijze van spreken zijn ondertekend door de schoonmaakster of de telefoniste van GGN Zeeland. Ook deze wijze van ondertekenen is niet correct. Het voorschrift van art. 83 Rv Pro. wordt zinledig wanneer niet controleerbaar wordt gemaakt of de rechtspersoon die als gemachtigde optreedt, bij de ondertekening bevoegd werd vertegenwoordigd. In dit geval moet het ervoor worden gehouden dat de conclusie niet is ondertekend. De conclusie wordt daarom niet geaccepteerd. De kantonrechter zal de gemachtigde van Delta c.s. in de gelegenheid stellen de tekortkomingen te herstellen door de conclusie opnieuw in te dienen, maar nu met de juiste naam van haar gemachtigde en met vermelding van de naam en functie van de natuurlijke persoon die namens de gemachtigde de conclusie zal ondertekenen.
5. Tenslotte heeft [B] in de hoofdzaak geprotesteerd tegen de onduidelijke wijze waarop de vordering in de dagvaarding is gepresenteerd. Een van de vele bezwaren luidt dat het onduidelijk is welk belang ieder van de vijf eisende partijen heeft bij het instellen van de vorderingen jegens [B]. [B] heeft dat belang bij gebrek aan wetenschap betwist. Een en ander is aanleiding om van de gemachtigde van Delta c.s. ex art. 80, lid 2, Rv. een schriftelijke volmacht te verlangen van ieder van de vijf eisende partijen. Aangenomen kan worden dat de gemachtigde van Delta c.s. geen advocaat of deurwaarder is.
de beslissing
De kantonrechter:
verwijst deze zaak naar de rolzitting van woensdag 11 januari 2012 te 10.30 uur, opdat Delta c.s. in het geding zullen brengen:
- een betekend herstelexploot als onder 3. overwogen,
- een correct ondertekende conclusie van antwoord in het incident als onder 4. overwogen,
- procesvolmachten voor de gemachtigde van ieder van de vijf eisende partijen;
houdt iedere verdere beslissing aan.
Dit vonnis is gewezen door mr. M.J.M. Klarenbeek, kantonrechter, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 14 december 2011 in tegenwoordigheid van de griffier.