ECLI:NL:RBMID:2012:BV8698
Rechtbank Middelburg
- Eerste aanleg - meervoudig
- Van der Ploeg-Hogervorst
- Verhoeven
- Groen
- Rechtspraak.nl
Gedeeltelijke toewijzing vordering ontneming wederrechtelijk verkregen voordeel wegens overtreding Destructiewet
Porkland Holding BV is veroordeeld voor opzettelijke overtredingen van artikel 4 van Pro de Destructiewet, waarbij destructiemateriaal van afgekeurde varkens aan verwerking werd onttrokken. De ontnemingsvordering betreft het wederrechtelijk verkregen voordeel uit soortgelijke feiten in de periode 2004-2007.
De verdediging voerde aan dat de vordering moest worden afgewezen wegens vrijspraak van gerelateerde feiten, onbetrouwbare berekeningen en het ontbreken van daadwerkelijk voordeel. De officier van justitie stelde dat de berekeningen gebaseerd waren op bewezen overtredingen en dat de gemiddelde opbrengst van illegaal vlees gelijk was aan die van regulier vlees.
De rechtbank stelde vast dat de oude, gunstigere bepaling van artikel 36e Sr van toepassing is en baseerde de berekening van het voordeel op een extrapolatie van een monitoringsperiode. Uit verklaringen van medewerkers en dierenartsen bleek dat afgekeurde dieren werden verwerkt en verkocht. De rechtbank stelde het wederrechtelijk verkregen voordeel vast op €78.050 en wees het verzoek tot matiging af vanwege onvoldoende bewijs van onvermogen.
Uitkomst: De rechtbank stelt het wederrechtelijk verkregen voordeel vast op €78.050 en legt de betalingsverplichting aan Porkland Holding BV op.