ECLI:NL:RBMID:2012:BX7972
Rechtbank Middelburg
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling economische waarde van bomen bij ruilverkaveling en vaststelling vergoeding
In deze civiele zaak maakt reclamant bezwaar tegen de hoogte van de vergoeding voor bomen die hij is kwijtgeraakt door een ruilverkaveling, zoals opgenomen in de lijst der geldelijke regelingen (LGR). Reclamant betwist de door de landinrichtingscommissie (lic) gehanteerde waardering en stelt dat de bomen tegen vervangingswaarde moeten worden gewaardeerd. De gemeente Zundert onderschrijft het standpunt van de lic dat de vergoeding gebaseerd moet zijn op de economische waarde in het maatschappelijk verkeer.
De rechtbank overweegt dat ingevolge artikel 24 van Pro de Regeling Herverkaveling de waardering moet plaatsvinden op basis van de economische waarde, dat wil zeggen de waarde die het hout bij verkoop heeft. De door reclamant voorgestane waarderingsgrondslag op basis van vervangingswaarde wordt verworpen, mede omdat de ruilverkaveling niet leidt tot het tenietgaan van de beplanting en vervanging niet aan de orde is.
De lic heeft de vergoeding berekend op basis van een prijs van € 31,85 per kubieke meter voor inlandse eik, wat niet door reclamant is bestreden. De rechtbank wijzigt de LGR zodat een bedrag van € 5.459,09 wordt opgenomen als vergoeding voor de verrekenpost (laan)beplanting. Tevens worden de proceskosten van reclamant ten laste van de gezamenlijke belanghebbenden gebracht.
Uitkomst: De rechtbank wijzigt de lijst der geldelijke regelingen en stelt de vergoeding voor de bomen vast op € 5.459,09, met toewijzing van proceskosten aan reclamant.