ECLI:NL:RBMID:2012:BY2949
Rechtbank Middelburg
- Eerste aanleg - meervoudig
- Van Unnik
- Duinhof
- Woltring
- Rechtspraak.nl
Ongegrondverklaring klaagschrift tegen beslag op binnenvaartschip Destiny wegens inrichting voor onttrekking aan ambtelijk toezicht
De rechtbank Middelburg behandelde het klaagschrift van klaagster tegen het beslag op haar binnenvaartschip Destiny, gelegd door de douane op grond van artikel 1:37 lid 1 Algemene Pro douanewet. Het schip was voorzien van een verborgen ruimte met een duikluik, waarmee goederen ongezien onder de waterspiegel aan boord konden worden gebracht. Dit schip was eerder in een strafzaak betrokken waarbij klaagster aanvankelijk veroordeeld werd voor medeplegen van invoer van cocaïne, maar later in hoger beroep werd vrijgesproken en teruggave van het schip werd gelast.
De rechtbank oordeelde dat het schip naar uiterlijke verschijningsvormen en constructie geschikt was gemaakt om goederen aan het ambtelijk toezicht te onttrekken. De aanwezigheid van het duikluik en de verborgen ruimte, de vondst van cocaïne in de voorpiek, en de verklaringen van betrokkenen ondersteunen dit oordeel. Het schip voldoet niet meer aan de eisen voor ladingvervoer en moet worden hersteld alvorens opnieuw in gebruik te worden genomen.
Klaagster verzocht ook om een geldelijke tegemoetkoming wegens de inbeslagneming, maar de rechtbank vond dat zij rekening had moeten houden met de mogelijkheid van beslaglegging gezien de omstandigheden en eerdere strafzaak. Daarom werd geen sprake geacht van een onevenredige benadeling. De rechtbank verklaarde het klaagschrift ongegrond en wees het verzoek om geldelijke tegemoetkoming af. Klaagster kan eventueel via de minister van Financiën een verzoek tot teruggave indienen onder voorwaarden.
Uitkomst: Het klaagschrift tegen het beslag op het binnenvaartschip Destiny wordt ongegrond verklaard en er wordt geen geldelijke tegemoetkoming toegekend.