Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
1.Het onderzoek ter terechtzitting
2.Tenlastelegging
3.Voorvragen
4.Waardering van het bewijs
5.Bewezenverklaring
- op 26 juni 2008 een geldbedrag van ongeveer 1.108,20, en
- in de periode van 12 september 2008 tot en met 14 september 2008 een geldbedrag van in totaal 4.539,57 Euro,
6.De strafbaarheid van het feit
7.De strafbaarheid van verdachte
8.Motivering van de straffen en maatregelen
- wanneer het gaat om een ad informandum gevoegd feit;
- wanneer dit feit kan worden aangemerkt als een omstandigheid waaronder het bewezenverklaarde is begaan, dan wel;
- wanneer de verdachte voor dit feit onherroepelijk is veroordeeld en de vermelding van dit feit dient ter nadere uitwerking van de persoonlijke omstandigheden van de verdachte.
9.Ten aanzien van de benadeelde partij en de schadevergoedingsmaatregel
,als gevolg van de hiervoor bewezen geachte feiten rechtstreeks schade heeft geleden. De rechtbank waardeert deze op € 15.647,77 (vijftienduizendzeshonderdzevenenveertig euro en zevenenzeventig eurocent), te vermeerderen met de wettelijke rente met ingang van 27 april 2008 tot aan de dag der algehele voldoening, aan materiële schade. De vordering kan dan ook tot dat bedrag worden toegewezen. Dat dit bedrag reeds is voldaan of verrekend is niet aannemelijk geworden.
10.Toepasselijke wettelijke voorschriften
11.Beslissing
een taakstraf, bestaande uit het verrichten van onbetaalde arbeid, van 120 uren, met bevel, voor het geval dat de verdachte de taakstraf niet naar behoren heeft verricht, dat vervangende hechtenis zal worden toegepast van 60 dagen.
BIJLAGE: De tenlastelegging
- in of om omstreeks de periode van 5 augustus 2008 tot en met 10 augustus 2008 een geldbedrag van ongeveer 2.800,69 euro en/of
- in of omstreeks de periode van 12 september 2008 tot en met 14 september
- op of omstreeks 26 juni 2008 een geldbedrag van ongeveer 1.108,20 Euro en/of
- in of omstreeks de periode van 5 augustus 2008 tot en met 10 augustus 2008