Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
1.De procedure
- het verzoekschrift;
- het verweerschrift;
- aanvullende stukken van ICCO;
- de pleitnota van ICCO;
- de mondelinge behandeling op 24 april 2013, waarvan aantekening is gehouden.
Rechtbank Midden-Nederland
De werknemer is sinds 2008 in dienst van ICCO en vervulde de functie van Administrative Officer voor 28 uur per week. Door een functiewijziging werd 0,3 fte van haar takenpakket overgeheveld naar een nieuwe functie, waardoor haar functie feitelijk werd teruggebracht tot 18 uur per week. ICCO verzocht ontbinding van de arbeidsovereenkomst onder de voorwaarde dat zij een nieuwe arbeidsovereenkomst voor 18 uur zou aanbieden.
De werknemer stelde dat zij niet in dienst was bij ICCO maar bij een andere stichting, wat de kantonrechter verwierp op grond van de omzetting van de stichting in een coöperatie en de loonbetaling door ICCO. De kern van het geschil betrof de naleving van het sociaal plan, dat voorschrijft dat ICCO zich maximaal moet inspannen om de werknemer voor 10 uur te herplaatsen.
De werknemer had bezwaar tegen de procedure bij de vervulling van de nieuwe functie van Administrative Coordinator, maar dit bezwaar werd verworpen omdat zij niet op die functie had gesolliciteerd. Wel werd geoordeeld dat de procedure bij de vacature voor Accounting Officer in strijd was met het sociaal plan, omdat deze gelijktijdig voor interne en externe kandidaten was opengesteld terwijl interne kandidaten voorrang hebben.
ICCO had de werknemer niet als geschikt beoordeeld vanwege vermeende communicatieproblemen, gebrek aan ervaring en werkdruk, maar de kantonrechter vond deze gronden onvoldoende onderbouwd. De arbeidsongeschiktheid van de werknemer was mede veroorzaakt door een conflict met een voormalige leidinggevende, wiens gedrag door ICCO als ontoelaatbaar werd erkend. De kantonrechter concludeerde dat ICCO onvoldoende had gedaan om de werknemer te herplaatsen en wees het verzoek tot ontbinding af.
Uitkomst: Het verzoek tot ontbinding van de arbeidsovereenkomst wordt afgewezen omdat ICCO onvoldoende inspanningen heeft verricht om de werknemer te herplaatsen volgens het sociaal plan.