Op 10 februari 2013 werd het slachtoffer met meerdere steekwonden in zijn borst en rechterzij aangetroffen en overleed later aan een harttamponnade door steekletsel. Verdachte verklaarde dat zij in een conflict met het slachtoffer handelde nadat hij haar aanviel en een mes pakte, waarna zij hem meerdere keren stak.
De rechtbank sprak verdachte vrij van moord omdat er geen bewijs was voor voorbedachten rade. Wel werd vastgesteld dat verdachte (voorwaardelijk) opzet had op de dood van het slachtoffer door het meermalen steken met een mes. Het verweer van noodweer werd verworpen omdat de situatie na het afpakken van het mes niet meer als noodweersituatie kon worden beschouwd.
Een deskundigenrapport concludeerde dat verdachte leed aan alcoholafhankelijkheid en borderline persoonlijkheidsstoornis, waardoor zij verminderd toerekeningsvatbaar was. De rechtbank veroordeelde verdachte tot 4 jaar gevangenisstraf en oplegging van terbeschikkingstelling met dwangverpleging, waarbij de TBS na twee jaar gevangenisstraf zou aanvangen.
De straf en maatregel zijn gebaseerd op de ernst van het feit, de omstandigheden waaronder het is gepleegd en de persoonlijke situatie van verdachte. De rechtbank achtte behandeling in een verplicht kader noodzakelijk vanwege het hoge recidiverisico door combinatie van stoornis en alcoholgebruik.