Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
1.Verloop van de procedure
2.Vaststaande feiten
3.Beoordeling van het verzochte
4.Beslissing
[moeder], wonende te [woonplaats],
Rechtbank Midden-Nederland
De rechtbank Midden-Nederland behandelde het verzoek van de Raad voor de Kinderbescherming tot ontheffing van de moeder van het ouderlijk gezag over haar dochter, die ernstig hersenletsel opliep door babyshaken. Hoewel niet is vastgesteld wie van de ouders verantwoordelijk is, heeft de moeder haar kind niet kunnen beschermen.
De dochter verblijft sinds 2009 in een pleeggezin en heeft een ontwikkelingsleeftijd van circa 12 maanden. De moeder is vrijgesproken van mishandeling, maar de veiligheid van het kind kan niet worden gegarandeerd bij terugplaatsing. De huidige maatregelen van ondertoezichtstelling en uithuisplaatsing zijn onvoldoende om de dreiging af te wenden.
De rechtbank oordeelt dat de moeder ongeschikt is haar opvoedplicht te vervullen en wijst het verzoek tot ontheffing toe. Bureau Jeugdzorg wordt benoemd tot voogd, uitgevoerd door WSG, om continuïteit en veiligheid voor het kind te waarborgen. De moeder behoudt het recht op omgang, en de beslissing is uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: De moeder wordt ontheven van het ouderlijk gezag en Bureau Jeugdzorg benoemd tot voogd over de ernstig gehandicapte dochter.