ECLI:NL:RBMNE:2013:7255
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep op toekenning Wajong-uitkering wegens ontbreken nieuwe feiten en toegenomen beperkingen
Eiseres, lijdend aan het syndroom van Ehlers-Danlos, vroeg aanvankelijk op 16 december 2010 een Wajong-uitkering aan, welke op 21 februari 2011 werd geweigerd omdat zij naar oordeel van verweerder in staat was ten minste 75% van het maatmaninkomen te verdienen. Eiseres diende op 7 augustus 2012 een nieuwe aanvraag in, waarop verweerder besloot niet terug te komen op het eerdere besluit, omdat geen sprake was van nieuw gebleken feiten of veranderde omstandigheden.
De rechtbank overwoog dat een verzoek tot heroverweging op grond van artikel 4:6 Awb Pro nieuw gebleken feiten of veranderde omstandigheden vereist, welke in deze zaak niet zijn aangetoond. De medische stukken die eiseres overlegde, hadden reeds in de eerdere procedure kunnen worden ingebracht en een verergering van klachten geldt niet als nieuw feit. Daarnaast is beoordeeld of sprake is van toegenomen beperkingen binnen vijf jaar na afloop van de wachttijd, zoals bedoeld in artikel 2:3 lid 2 Wajong Pro. De verzekeringsartsen concludeerden dat de toename van klachten pas na deze termijn plaatsvond.
De rechtbank vond de medische rapporten zorgvuldig en volledig en zag geen reden om het standpunt van verweerder te wijzigen. De stelling van eiseres dat haar klachten aan haar aandoening moeten worden toegeschreven, werd onvoldoende onderbouwd met medische stukken. Daarom werd het beroep ongegrond verklaard en het bestreden besluit gehandhaafd.
Uitkomst: Het beroep van eiseres wordt ongegrond verklaard en het besluit tot weigering van de Wajong-uitkering wordt gehandhaafd.