ECLI:NL:RBMNE:2013:7513
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen beslissing Wahv niet-ontvankelijk wegens termijnoverschrijding
Betrokkene heeft op 29 november 2012 beroep ingesteld tegen een beslissing van de officier van justitie op grond van de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wahv). Dit beroep werd behandeld op 2 december 2013, waarbij betrokkene niet aanwezig was. De kantonrechter oordeelde dat het beroep kennelijk niet-ontvankelijk is omdat het na de termijn is ingediend.
Betrokkene voerde aan dat de termijnoverschrijding verschoonbaar was vanwege een onjuiste rechtsmiddelenverwijzing in de initiële beschikking, waarin ten onrechte werd vermeld dat geen beroep mogelijk was tegen administratiekosten. De kantonrechter stelde vast dat de termijn voor het indienen van het beroep duidelijk was vermeld en dat betrokkene niet onjuist was voorgelicht over de termijn, maar slechts over de mogelijkheid van beroep tegen administratiekosten.
De kantonrechter verwierp het beroep op nieuwe jurisprudentie die een andere uitleg gaf over het beroep tegen administratiekosten, omdat besluiten die rechtens onaantastbaar zijn geworden niet opnieuw kunnen worden aangevochten. Er waren geen feiten die een verschoonbare termijnoverschrijding aannemelijk maakten. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en niet-ontvankelijk verklaard. Er was geen verplichting tot hoorzitting.
Uitkomst: Het administratief beroep is niet-ontvankelijk verklaard wegens overschrijding van de beroepstermijn.