ECLI:NL:RBMNE:2013:7852
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - meervoudig
- P.P.C.M. Waarts
- P.W.G. de Beer
- Rechtspraak.nl
Omzetting voorwaardelijke PIJ-maatregel naar onvoorwaardelijke PIJ-maatregel wegens niet-naleving behandeling
De rechtbank Midden-Nederland behandelde op 20 december 2013 de vordering van de officier van justitie tot tenuitvoerlegging van een voorwaardelijke PIJ-maatregel opgelegd bij vonnis van 3 september 2013 aan de veroordeelde, die destijds een jeugddetentie van 128 dagen en een voorwaardelijke plaatsing in een inrichting voor jeugdigen kreeg opgelegd met een proeftijd van twee jaar.
De veroordeelde diende mee te werken aan opname en behandeling in Groot Emaus of een vergelijkbare instelling, en aan een nazorgtraject. Uit het advies van Bureau Jeugdzorg en de toelichting ter zitting bleek dat de veroordeelde zich niet aan deze voorwaarden hield. Hij nam een leiderspositie in binnen de groep, vertoonde agressief en dreigend gedrag, veroorzaakte onveiligheid en keerde niet terug van verlof. Groot Emaus gaf aan geen passende behandeling meer te kunnen bieden.
De Raad voor de Kinderbescherming en Bureau Jeugdzorg adviseerden om de voorwaardelijke PIJ-maatregel om te zetten in een onvoorwaardelijke maatregel vanwege het hoge recidiverisico en het ontbreken van alternatieve behandelopties. De verdediging betoogde dat het rapport summier was en onvoldoende concrete voorbeelden bevatte, maar de rechtbank vond de rapportage en het verhandelde voldoende onderbouwing.
De rechtbank concludeerde dat de veroordeelde zich niet aan de voorwaarden had gehouden en dat opname in een inrichting voor jeugdigen noodzakelijk is om voldoende behandelresultaten te behalen en de veiligheid van de maatschappij te waarborgen. Daarom werd de voorwaardelijke PIJ-maatregel omgezet in een onvoorwaardelijke PIJ-maatregel.
Uitkomst: De voorwaardelijke PIJ-maatregel is omgezet in een onvoorwaardelijke PIJ-maatregel wegens niet-naleving van de voorwaarden en hoog recidiverisico.