ECLI:NL:RBMNE:2013:BY9151
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - meervoudig
- J.R. Krol
- N.E.M. Kranenbroek
- R.P.G.L.M. Verbunt
- Rechtspraak.nl
Veroordeling tot vijftien jaar gevangenisstraf voor moord door wurging van echtgenote
Op 10 juni 2012 heeft verdachte zijn echtgenote opzettelijk en met voorbedachte raad om het leven gebracht door haar te wurgen in hun woning te Maarn. De rechtbank baseert dit op forensisch en medisch bewijs, waaronder de vaststelling van twee afzonderlijke letselmomenten: ernstige slagen met een koevoet enkele uren voor het overlijden en wurging kort voor het overlijden.
De patholoog-anatoom concludeerde dat de hoofdletsels niet dodelijk waren en dat het overlijden werd veroorzaakt door samendrukkend geweld op de hals. Verdachte had voldoende tijd om zich te beraden tussen de slagen en de wurging, wat de rechtbank kwalificeert als voorbedachte raad. De verdediging voerde een plotselinge gemoedsopwelling aan, maar dit werd verworpen.
Verdachte werd als enigszins verminderd toerekeningsvatbaar beoordeeld op basis van psychologisch en psychiatrisch onderzoek. De rechtbank achtte een langdurige onvoorwaardelijke gevangenisstraf passend en legde een straf van vijftien jaar op. Daarnaast werd een schadevergoeding van €14.285,30 toegewezen aan de benadeelde partij, met een schadevergoedingsmaatregel opgelegd aan verdachte.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot vijftien jaar gevangenisstraf voor moord met voorbedachte raad door wurging van zijn echtgenote.