ECLI:NL:RBMNE:2013:BZ1066
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling beroep tegen last onder dwangsom voor gebreken aan studentenpand
Eiser, eigenaar van een studentenpand, werd door het college van burgemeester en wethouders van Utrecht een last onder dwangsom opgelegd wegens gebreken aan het pand die niet voldeden aan het Bouwbesluit. De dwangsom bedroeg €50.000,- bij niet-nakoming binnen de gestelde termijn. Eiser betwistte zijn status als overtreder, de hoogte van de dwangsom, de termijn en stelde dat er geen daadwerkelijk gevaar was omdat het pand leeg stond en te koop was.
De rechtbank oordeelde dat eiser als eigenaar het in zijn macht had om de overtredingen te voorkomen of ongedaan te maken, ook al was het pand na het verbeuren van de dwangsom verkocht. De stelling dat een ander feitelijk beheerder was, was onvoldoende onderbouwd. De hoogte van de dwangsom werd als proportioneel beoordeeld, mede gelet op de omvang van de gebreken en de herstelkostenraming.
Verder werd geoordeeld dat de begunstigingstermijn van ruim vier maanden voldoende was en dat het feit dat het pand leegstond of te koop was geen reden gaf tot verlenging. Er was geen bewijs van misbruik van bevoegdheid door verweerder. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen de last onder dwangsom wordt ongegrond verklaard en afgewezen.