ECLI:NL:RBMNE:2013:BZ1132
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - meervoudig
- L.M.G. de Weerd
- P.W.G. de Beer
- E.A. Messer
- Rechtspraak.nl
Voorwaardelijke gevangenisstraf wegens belaging ex-vriendin door stelselmatig contact en bedreigingen
De rechtbank Midden-Nederland heeft op 22 januari 2013 uitspraak gedaan in de strafzaak tegen verdachte die werd beschuldigd van belaging van zijn ex-vriendin. Gedurende de periode van 1 januari 2004 tot en met 3 februari 2011 heeft verdachte herhaaldelijk brieven, kaarten en e-mails gestuurd naar het slachtoffer, met daarin onder andere bedreigende teksten en eisen om excuses. Verdachte erkende het versturen van deze berichten, maar ontkende dat deze bedreigend waren.
De rechtbank oordeelde dat de uitlatingen van verdachte, gezien de context en de langdurige aard van het contact, zonder meer als bedreigend konden worden aangemerkt. Het feit dat verdachte jarenlang opzettelijk en stelselmatig contact zocht en daarmee de persoonlijke levenssfeer van het slachtoffer schond, werd bewezen verklaard. Psychologisch en psychiatrisch onderzoek concludeerden dat verdachte leed aan een dwangstoornis en een depressieve stoornis, waardoor hij verminderd toerekeningsvatbaar was.
De rechtbank legde een geheel voorwaardelijke gevangenisstraf van vier maanden op met een proeftijd van drie jaar, inclusief bijzondere voorwaarden zoals het voortzetten van behandeling bij een psychiater en een contactverbod met het slachtoffer. De straf werd gematigd ten opzichte van de eis van zes maanden voorwaardelijke gevangenisstraf, mede vanwege de persoonlijke omstandigheden en het feit dat verdachte sinds medio 2011 geen contact meer had gezocht.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot een voorwaardelijke gevangenisstraf van vier maanden met een proeftijd van drie jaar wegens belaging van zijn ex-vriendin.