ECLI:NL:RBMNE:2013:BZ3425
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Veroordeling wegens belaging met ernstige inbreuk op persoonlijke levenssfeer ex-partner
De rechtbank Midden-Nederland heeft op 4 maart 2013 uitspraak gedaan in de zaak tegen verdachte die zich schuldig heeft gemaakt aan belaging van zijn ex-partner. De feiten betreffen een periode van 1 november 2010 tot en met 15 november 2011, waarin verdachte stelselmatig en wederrechtelijk inbreuk maakte op de persoonlijke levenssfeer van het slachtoffer door onder meer frequent telefonisch en sms-contact, het volgen van het slachtoffer met de auto, het ophouden in de directe omgeving van haar woning en het plaatsen van afluisterapparatuur.
De rechtbank sprak verdachte partieel vrij voor de periode van 1 juli 2010 tot en met 31 oktober 2010 vanwege onvoldoende bewijs. Verdachte had de gedragingen grotendeels bekend, maar stelde dat er sprake was van een relatie met het slachtoffer, waardoor het contact niet als wederrechtelijk kon worden aangemerkt. De rechtbank verwierp dit verweer en oordeelde dat de gedragingen, mede door de frequentie en het plaatsen van afluisterapparatuur, een ernstige inbreuk vormden op de persoonlijke levenssfeer.
De rechtbank legde een voorwaardelijke gevangenisstraf van drie maanden op met een proeftijd van drie jaar, een contactverbod met het slachtoffer en haar zoons als bijzondere voorwaarde, en een werkstraf van 80 uur. De straf is passend geacht gezien de ernst van het feit, de persoonlijke omstandigheden van verdachte en het advies van de reclassering en psycholoog.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot een voorwaardelijke gevangenisstraf van drie maanden, een werkstraf van 80 uur en een contactverbod wegens belaging.