ECLI:NL:RBMNE:2013:BZ3539
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak op bezwaar wegens niet-ontvankelijkheid bezwaarschrift en afwijzing proceskostenvergoeding
Eiser heeft beroep ingesteld tegen de uitspraak op bezwaar van het Hoogheemraadschap De Stichtse Rijnlanden, waarin het bezwaar niet-ontvankelijk werd verklaard wegens te late indiening. De rechtbank stelt vast dat het bezwaarschrift niet tijdig is ingediend en dat verweerder nagelaten heeft om de reden van de te late indiening te vragen, waardoor geen toepassing is gegeven aan artikel 6:11 Awb Pro.
Eiser voerde aan dat de late indiening te wijten was aan bijzondere omstandigheden rondom Q-koorts en onduidelijkheid over de kwalificatie van zijn gronden. De rechtbank oordeelt echter dat dit onvoldoende is om de termijnoverschrijding als verschoonbaar te beschouwen, waardoor het bezwaar niet-ontvankelijk blijft.
Het beroep wordt gegrond verklaard omdat de bestreden uitspraak op bezwaar onjuist is. De rechtbank vernietigt deze uitspraak, maar laat de rechtsgevolgen daarvan in stand. Tevens wijst de rechtbank het verzoek om vergoeding van proceskosten af, omdat onvoldoende aannemelijk is dat beroepsmatige rechtsbijstand is verleend. Wel wordt het door eiser betaalde griffierecht vergoed.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en de bestreden uitspraak op bezwaar wordt vernietigd, maar het verzoek om proceskostenvergoeding wordt afgewezen.