ECLI:NL:RBMNE:2013:BZ3544
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-verifieerbaarheid van toekomstige vorderingen uit hoofde van opstalretributies in faillissement
Win Wind BV ontwikkelde een windmolenpark en verkocht dit aan Koegorspolder CV, waarbij rechten van opstal en bijbehorende retributies aan derden waren verbonden. Een wijziging van de turnkey koopovereenkomst bepaalde dat Win Wind BV de betalingsverplichtingen jegens Koegorspolder zou blijven uitvoeren alsof zij nog contractspartij was.
Na het faillissement van Win Wind BV vorderde Koegorspolder verificatie van haar vorderingen, waaronder toekomstige retributies die nog niet opeisbaar waren. De curatoren stelden dat deze toekomstige vorderingen niet verifieerbaar zijn volgens artikel 24 Faillissementswet Pro omdat zij afhankelijk zijn van onzekere toekomstige omstandigheden.
De rechtbank oordeelde dat de betalingsverplichting van Win Wind BV niet kan worden gezien als een terugbetaling van de koopprijs, maar als een vergoeding voor retributieverplichtingen die pas ontstaan wanneer de retributies verschuldigd zijn. Omdat deze verplichtingen afhankelijk zijn van toekomstige onzekere omstandigheden, kwalificeren zij als toekomstige vorderingen die niet verifieerbaar zijn.
De rechtbank erkende slechts de vordering voor reeds opeisbare bedragen vóór faillissement en veroordeelde Koegorspolder in de proceskosten. Het meer of anders gevorderde werd afgewezen.
Uitkomst: De rechtbank wijst de verificatie van toekomstige opstalretributies af en erkent slechts de opeisbare vordering van EUR 121.302,66.