ECLI:NL:RBMNE:2013:BZ5244
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - meervoudig
- N.E.M. Kranenbroek
- V. van Dam
- E.C.A. Bakker
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak valsheid in geschrift bij verantwoordingsformulieren PGB
De rechtbank Midden-Nederland behandelde de zaak tegen verdachte die werd verdacht van valsheid in geschrift met betrekking tot verantwoordingsformulieren van een persoonsgebonden budget (PGB) voor de zorg aan de zoon van een medeverdachte. De tenlastelegging betrof de periode van januari 2009 tot oktober 2010.
De officier van justitie stelde dat verdachte samen met een ander valselijk had ingevuld dat hij zorgverlener was en dat hij grote bedragen had ontvangen. De verdediging voerde aan dat verdachte feitelijk zorg verleende en dat handtekeningen en sofinummers op de formulieren niet van verdachte waren.
De rechtbank oordeelde dat verdachte wel zorg had verleend, maar dat niet kon worden bewezen dat de verantwoordingsformulieren onjuist waren ingevuld met het oogmerk deze als echt te gebruiken. Een substantieel deel van het PGB-bedrag was niet besteed aan zorg, maar het was niet overtuigend dat verdachte hiervoor verantwoordelijk was. Daarom sprak de rechtbank verdachte vrij van het ten laste gelegde feit van valsheid in geschrift.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken omdat het feit niet wettig en overtuigend bewezen is.