ECLI:NL:RBMNE:2013:BZ5251
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - meervoudig
- V. van Dam
- N.E.M. Kranenbroek
- E.C.A. Bakker
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak en voorwaardelijke werkstraf bij uitkeringsfraude gezamenlijke huishouding
De rechtbank Midden-Nederland heeft op 13 maart 2013 uitspraak gedaan in een zaak over uitkeringsfraude. Verdachte werd beschuldigd van het niet melden van een gezamenlijke huishouding met medeverdachte aan de Sociale Verzekeringsbank (SVB), waardoor hij ten onrechte een Algemene nabestaandenwet (ANW) en Algemene Ouderdomswet (AOW) uitkering ontving. Daarnaast werd hem ten laste gelegd dat hij voordeel had getrokken uit de uitkering die medeverdachte ontving.
De rechtbank oordeelde dat onvoldoende bewijs aanwezig was dat verdachte voordeel had getrokken uit de uitkering van medeverdachte en sprak hem vrij van dit feit. Wel werd bewezen verklaard dat verdachte opzettelijk heeft nagelaten de SVB tijdig te informeren over zijn gezamenlijke huishouding met medeverdachte gedurende de periode van 1 juli 2000 tot en met 12 april 2011. Verdachte wist dat deze gegevens van belang waren voor de vaststelling van zijn recht op uitkering.
Gezien de ernst van de fraude, de lange periode waarin deze plaatsvond, het bedrag van ruim €35.000 dat onterecht werd ontvangen en het feit dat verdachte het bedrag volledig heeft terugbetaald, legde de rechtbank een werkstraf van 80 uur op. Deze straf is voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar. Verdachte werd vrijgesproken van het voordeel trekken uit de uitkering van medeverdachte.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot een voorwaardelijke werkstraf van 80 uur en vrijgesproken van het voordeel trekken uit de uitkering van medeverdachte.