ECLI:NL:RBMNE:2013:BZ5261
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Betaling resultaatafhankelijke eindejaarsuitkering 2008 volgens CAO voor vaste uitzendmedewerkers
De werknemer was senior consultant bij een uitzendonderneming en had op grond van de CAO voor vaste medewerkers recht op een resultaatafhankelijke eindejaarsuitkering over 2008 van € 2.518,32 bruto. Hoewel de werkgever in 2008 winst maakte en de winstafhankelijke uitkering betaalde, stelde zij de betaling van de resultaatafhankelijke uitkering uit vanwege de economische recessie en slechte financiële situatie vanaf 2009.
De werkgever wijzigde in augustus 2009 met terugwerkende kracht de bonusregeling, waardoor betaling afhankelijk werd gesteld van een accountantsverklaring over de liquiditeit. De werknemer betwistte deze wijziging als strijdig met de CAO en nietig. De rechtbank oordeelde dat de CAO-bepaling algemeen verbindend was verklaard en dat het recht op uitkering een verkregen recht is dat na afloop van de AVV-periode blijft gelden.
De werkgever kon geen beroep doen op eenzijdige wijzigingsbevoegdheid, redelijkheid en billijkheid, of andere wettelijke bepalingen om betaling uit te stellen. Het beroep op artikel 6:89 BW Pro faalde omdat de werkgever tijdig op de hoogte was van het betalingsverzuim. De vordering van de werknemer werd toegewezen, met een wettelijke verhoging van 25% wegens te late betaling en wettelijke rente vanaf 1 juni 2010. De werkgever werd veroordeeld tot betaling van de proceskosten.
Uitkomst: Werkgever is gehouden de resultaatafhankelijke uitkering over 2008 uiterlijk 1 mei 2009 te betalen, met wettelijke verhoging en rente.