ECLI:NL:RBMNE:2013:BZ5541
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ontneming schone lei wegens verzwegen pensioeninkomsten tijdens schuldsaneringsregeling
In deze zaak is aan de schuldenares in september 2011 een schone lei verleend na het doorlopen van een schuldsaneringsregeling. In december 2012 kwam aan het licht dat zij in 2010 extra inkomsten had genoten, bestaande uit drie afgekochte pensioenen met een netto waarde van €4.545,00. Deze inkomsten waren niet aan de boedel opgegeven en werden gestort op een voor de bewindvoerders onbekend rekeningnummer.
De voormalige bewindvoerder heeft op grond hiervan een verzoek ingediend om de schone lei te ontnemen, omdat de schuldenares haar schuldeisers heeft benadeeld door deze inkomsten te verzwijgen. De rechtbank oordeelt dat de bewindvoerder als belangenbehartiger van de schuldeisers ontvankelijk is in haar verzoek.
De rechtbank stelt vast dat de schuldenares bewust is geweest van de uitkering van de pensioenbedragen en deze niet heeft gemeld aan de bewindvoerders. Hierdoor zijn de inkomsten buiten de boedel gehouden, wat een benadeling van de schuldeisers betekent. Op grond hiervan bepaalt de rechtbank dat artikel 358 lid 1 Faillissementswet Pro niet langer van toepassing is en ontneemt zij de schone lei aan de schuldenares.
Uitkomst: De rechtbank ontneemt de schone lei aan de schuldenares wegens het verzwijgen van pensioeninkomsten tijdens de schuldsaneringsregeling.