ECLI:NL:RBMNE:2013:BZ6335
Rechtbank Midden-Nederland
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Arbeidsovereenkomst onbepaalde tijd door opvolgend werkgeverschap en loonbetaling
De werknemer trad in 2007 in dienst bij een onderneming voor onbepaalde tijd. Na een ontslag op staande voet en beëindiging van dat dienstverband, trad hij in 2011 in dienst bij een andere onderneming, geleid door dezelfde persoon, met een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd. De werknemer voerde aan dat er sprake was van opvolgend werkgeverschap, waardoor zijn arbeidsovereenkomst als onbepaalde tijd moest worden beschouwd.
De kantonrechter stelde vast dat de arbeidsovereenkomst bij de eerste werkgever met wederzijds goedvinden was beëindigd en dat de werknemer bij de tweede werkgever een reeks arbeidsovereenkomsten voor bepaalde tijd had gehad, die in totaal langer dan 36 maanden duurden. Op grond van artikel 7:668a BW leidde dit tot conversie naar een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd.
De werkgever werd veroordeeld om de werknemer binnen twee dagen toe te laten tot zijn werkzaamheden voor 26 uur per week en het loon vanaf 24 januari 2013 te betalen, vermeerderd met vakantiebijslag, wettelijke verhoging en rente. De vordering tot loonbetaling en wedertewerkstelling werd toegewezen, terwijl het standpunt van de werkgever dat het dienstverband van rechtswege was geëindigd werd verworpen.
Uitkomst: Werkgever wordt veroordeeld tot toelating werknemer tot werk en betaling van loon vanaf 24 januari 2013 met wettelijke verhoging en rente.