ECLI:NL:RBMNE:2013:BZ9490
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ontbinding huurovereenkomst wegens onbevoegde onderhuur na beëindiging franchise
De eigenaar van een bedrijfsruimte verhuurde deze aan Super de Boer, die het pand onderverhuurde aan haar franchisenemer Kippersluis. De onderhuurovereenkomst was geldig tot september 2016. De samenwerkingsovereenkomst tussen Super de Boer en Kippersluis eindigde echter per 1 november 2011, waarna Kippersluis het pand onder haar eigen naam exploiteerde.
De verhuurder vorderde ontbinding van de hoofdhuurovereenkomst wegens wanprestatie van Super de Boer, omdat zij het pand onderverhuurde aan een niet-franchisenemer, in strijd met de hoofdhuurovereenkomst. De rechtbank oordeelde dat deze tekortkoming niet van geringe betekenis was en dat Super de Boer verantwoordelijk was voor de situatie, ook omdat zij zelf de samenwerkingsovereenkomst had beëindigd.
De rechtbank wees de vordering tot ontbinding en ontruiming toe, waarbij Super de Boer een termijn van één maand kreeg om het pand te ontruimen. De vordering tot machtiging van de verhuurder om zelf te ontruimen werd afgewezen. Daarnaast werd Super de Boer veroordeeld in de proceskosten. De vordering van Super de Boer tot vrijwaring tegen Kippersluis werd afgewezen, aangezien in een gelijktijdige procedure haar beroep op wanprestatie tegen Kippersluis was verworpen.
Uitkomst: De huurovereenkomst wordt ontbonden en Super de Boer wordt veroordeeld tot ontruiming binnen één maand.