ECLI:NL:RBMNE:2013:CA0031
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Toewijzing schadevergoeding wegens niet-ingekochte FPU-rechten bij pensioenwaardeoverdracht
Eiser, geboren in 1947, was vanaf 1994 in dienst bij verschillende rechtsvoorgangers van Syntens en maakte aanspraak op een FPU-voorziening die bij de pensioenwaardeoverdracht van Aegon naar ABP niet is ingekocht. Hij vordert een schadevergoeding ter compensatie van het nadeel dat hij hierdoor heeft geleden, inclusief wettelijke rente en buitengerechtelijke kosten.
Syntens voert verweer dat eiser niet voldeed aan de voorwaarden voor FPU en dat er geen schade is geleden omdat de pensioenregeling correct is overgedragen en eiser geen intentie had vervroegd uit te treden. De kantonrechter oordeelt dat de afwijkende afspraken tussen partijen in strijd zijn met de cao en nietig zijn, waardoor FPU-rechten bij de overdracht ingekocht hadden moeten worden.
Verder wordt het zogenaamde Vendrik-effect erkend, waarbij eiser het voordeel van een actuariële verhoging misloopt door het ontbreken van FPU. De berekening van de schadevergoeding wordt door de kantonrechter aanvaard, waarbij de contante waarde discussie wordt verworpen omdat eiser vanaf 2013 jaarlijks een bruto bedrag ontvangt.
De kantonrechter veroordeelt Syntens tot betaling van €140.934,30 bruto plus wettelijke rente vanaf dagvaarding, buitengerechtelijke kosten van €4.164,- met rente, en proceskosten ten laste van Syntens. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Uitkomst: Syntens wordt veroordeeld tot betaling van €140.934,30 bruto schadevergoeding, wettelijke rente en buitengerechtelijke kosten wegens niet-ingekochte FPU-rechten.