ECLI:NL:RBMNE:2013:CA1661
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - meervoudig
- P.P.C.M. Waarts
- M.A.A.T. Engbers
- P.W.G. de Beer
- Rechtspraak.nl
Gedeeltelijk voorwaardelijke gevangenisstraf voor ontucht met minderjarige stagiaire
De rechtbank Midden-Nederland heeft op 31 mei 2013 uitspraak gedaan in de strafzaak tegen verdachte, die ervan werd verdacht ontucht te hebben gepleegd met een minderjarige stagiaire in de periode van 24 oktober 2011 tot en met 6 mei 2012. De minderjarige was zestien jaar oud en had een laag IQ.
De rechtbank achtte wettig en overtuigend bewezen dat verdachte de stagiaire meerdere keren heeft gezoend, getongzoend en haar blote borsten heeft betast, gekust en gelikt. Verdachte wist dat het meisje minderjarig was. De rechtbank sprak verdachte vrij van zwaardere tenlasteleggingen zoals het betasten van de vagina en billen, omdat het bewijs daarvoor onvoldoende overtuigend was.
De rechtbank oordeelde dat het handelen van verdachte ernstig was vanwege de leeftijd en beperking van het slachtoffer en het feit dat zij aan zijn zorg en waakzaamheid was toevertrouwd. Verdachte werd veroordeeld tot een gevangenisstraf van 182 dagen, waarvan 180 dagen voorwaardelijk met een proeftijd van drie jaar. Er werden geen bijzondere voorwaarden opgelegd, mede vanwege het ontbreken van aanwijzingen voor pedofilie en de persoonlijke omstandigheden van verdachte. De rechtbank vond een werkstraf niet passend.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot 182 dagen gevangenisstraf, waarvan 180 dagen voorwaardelijk met een proeftijd van drie jaar, wegens ontucht met een minderjarige stagiaire.