ECLI:NL:RBMNE:2013:CA2761
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek schuldsaneringsregeling wegens niet te goeder trouw aangegane schulden
De rechtbank Midden-Nederland behandelde het verzoek van verzoeker tot toepassing van de schuldsaneringsregeling binnen een faillissementsprocedure. Verzoeker had aanzienlijke schulden, waaronder een grote vordering van de Staat, die was voortgekomen uit een procedure in hoger beroep. De rechtbank stelde vast dat verzoeker niet te goeder trouw was bij het aangaan van diverse schulden, waaronder belastingschulden, een lening bij een derde en borgstellingen.
De rechtbank oordeelde dat verzoeker onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat hij zijn verplichtingen uit de schuldsaneringsregeling naar behoren zou kunnen nakomen. Ook was er onvoldoende duidelijkheid over de exacte schuldpositie vanwege lopende procedures. Daarnaast had verzoeker zijn activa, zoals een boot en een woning, nog niet te gelde gemaakt, wat de rechtbank deed twijfelen aan zijn bereidheid om zich in te spannen voor zijn schuldeisers.
Gelet op deze omstandigheden wees de rechtbank het verzoek tot toepassing van de schuldsaneringsregeling af. Er waren geen bijzondere omstandigheden die tot een andere beslissing konden leiden. Het vonnis werd uitgesproken op 16 mei 2013 door mr. M.H.F. van Vugt.
Uitkomst: Het verzoek tot toepassing van de schuldsaneringsregeling wordt afgewezen wegens niet te goeder trouw aangegane schulden.