Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
Zittingslocatie Utrecht
Rechtbank Midden-Nederland
De officier van justitie had een vordering ingediend tot vaststelling van het wederrechtelijk verkregen voordeel en het opleggen van betaling aan de Staat tot een maximumbedrag van €7.875,00. De veroordeelde was niet verschenen op de terechtzitting van 31 januari 2014. De raadsvrouwe die aanwezig was, verklaarde niet gemachtigd te zijn om de verdediging te voeren namens de veroordeelde.
Uit onderzoek van de stukken bleek dat de oproeping van de veroordeelde niet op de wettelijk voorgeschreven wijze was uitgereikt. Dit vormde een procesrechtelijk defect dat de rechtbank aanleiding gaf om de oproeping nietig te verklaren.
De rechtbank Midden-Nederland, meervoudige kamer voor strafzaken, heeft daarom de oproeping van de veroordeelde voor de zitting van 31 januari 2014 nietig verklaard. Het vonnis werd uitgesproken in openbare terechtzitting door de drie rechters, bijgestaan door de griffier.
Uitkomst: De oproeping van de veroordeelde voor de zitting is nietig verklaard wegens niet-wettelijke uitreiking.