Op 20 juni 2013 heeft verdachte in Utrecht een vrouw mishandeld door haar met kracht tegen een hek te duwen, waardoor zij ten val kwam en letsel opliep. Tevens heeft verdachte een politieagent mishandeld tijdens diens rechtmatige uitoefening van zijn bediening en deze bedreigd met woorden die inhielden dat hij hem na werktijd zou opwachten en schade zou toebrengen.
De rechtbank heeft het bewijs beoordeeld aan de hand van verklaringen van het slachtoffer, getuigen en politieambtenaren, alsmede foto’s van letsel. De verdediging voerde niet-ontvankelijkheid van het Openbaar Ministerie aan wegens vormverzuim, maar dit is door de rechtbank verworpen. Het geweld van de politieagent tegen verdachte na diens boeien werd als disproportioneel beoordeeld, wat leidde tot een strafvermindering van twee weken.
De officier van justitie had een gevangenisstraf van twee maanden geëist, maar de rechtbank legde zes weken op, rekening houdend met eerdere veroordelingen van verdachte en de omstandigheden van het delict. Daarnaast is verdachte veroordeeld tot schadevergoeding aan de slachtoffers en betaling van wettelijke rente, met een schadevergoedingsmaatregel als waarborg.
De rechtbank verklaarde verdachte strafbaar voor mishandeling van de vrouw en de politieagent, en bedreiging van de politieagent, en sprak verdachte vrij van overige tenlastegelegde feiten. Het vonnis werd uitgesproken op 11 maart 2014 door de meervoudige strafkamer van de Rechtbank Midden-Nederland.