De vennootschap onder firma [eiser 1] exploiteerde camping De Berekuil in Utrecht op erfpachtgrond van de gemeente. Na beëindiging van de gaslevering ontstond een geschil met huurders die dwangsommen vorderden wegens het staken van de levering. [eisers] stelde dat gebreken aan het gasleidingnet en veiligheidsrisico's de levering onmogelijk maakten en dat nieuwe rapporten dit bevestigen.
De voorzieningenrechter overwoog dat het verstekvonnis van 10 januari 2013, dat levering van gas verplichtte, onherroepelijk is geworden door intrekking van verzet en dat [eisers] geen verzoek tot opschorting van dwangsommen heeft gedaan. De gestelde gebreken waren reeds bekend bij het vonnis en vormden geen nieuwe feiten.
Executoriaal beslag werd gelegd op het erfpachtrecht en andere goederen. [eisers] verzocht dit beslag op te heffen en de executie te schorsen, stellende dat dit beslag de overdracht van het erfpachtrecht aan Bouwpro B.V. belemmert. De rechtbank oordeelde dat geen sprake is van misbruik van recht of disproportionaliteit en dat het beslag in redelijkheid kan worden uitgevoerd.
De vorderingen van [eisers] werden afgewezen en zij werd veroordeeld in de proceskosten. Het vonnis bevestigt dat de tenuitvoerlegging van dwangsommen en beslaglegging gerechtvaardigd zijn ondanks de door [eisers] aangevoerde bezwaren.