ECLI:NL:RBMNE:2014:2835
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering verhuurder wegens schade door rioolverstopping met meerdere oorzaken
De verhuurder vordert van de huurder een schadevergoeding van €9.531,32 wegens waterschade veroorzaakt door een verstopping in het riool van het gehuurde pand. De huurder exploiteert een fitnessschool en de verstopping leidde tot schade aan de douches op de eerste verdieping en aan het interieur van een andere huurder op de begane grond.
De verhuurder stelt dat de huurder nalatig is geweest door het niet verbieden van het doorspoelen van verbandmiddelen door klanten, wat mede de verstopping zou hebben veroorzaakt. De huurder betwist dit en verwijst naar een rapport waaruit blijkt dat boomwortels de verstopping veroorzaakten. Uit onderzoek blijkt dat zowel boomwortels als verbandmiddelen hebben bijgedragen aan de verstopping.
De rechtbank oordeelt dat de huurder niet toerekenbaar tekortgeschoten is. De verhuurder had op grond van artikel 7:204 BW Pro de verplichting om het riool goed te onderhouden, wat niet is gebeurd. De aanwezigheid van de boomwortel was de hoofdreden voor de verstopping, waardoor de huurder niet aansprakelijk is. Ook is geen cessie van de vordering van de andere huurder aangetoond. De vordering wordt daarom afgewezen en de verhuurder wordt veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De vordering van de verhuurder tot schadevergoeding wordt afgewezen wegens het ontbreken van toerekenbare tekortkoming van de huurder.