ECLI:NL:RBMNE:2014:2929
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering tot ontneming wederrechtelijk verkregen voordeel na vrijspraak deelname criminele organisatie
De rechtbank Midden-Nederland behandelde op 23 mei 2014 een ontnemingszaak tegen verdachte, die was verdacht van deelname aan een criminele organisatie gericht op diefstallen door braak, verbreking of insluiping. De officier van justitie vorderde ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel ter hoogte van €184.145,69, later bijgesteld naar €136.493,28.
Tijdens de zitting op 9 mei 2014 werden de officier van justitie, de raadsman en verdachte gehoord. De verdediging betoogde afwijzing van de vordering. De rechtbank oordeelde dat de vordering was gebaseerd op de veronderstelde deelname van verdachte aan een criminele organisatie.
Echter, bij vonnis van dezelfde rechtbank op 23 mei 2014 werd verdachte vrijgesproken van het ten laste gelegde gronddelict deelname aan een criminele organisatie. Hierdoor kon niet worden vastgesteld dat verdachte wederrechtelijk voordeel had verkregen. De rechtbank wees daarom de vordering van de officier van justitie tot ontneming af.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vordering tot ontneming af vanwege vrijspraak van deelname aan een criminele organisatie.